Praktisch bekeken: Je moet het dak op voor onderhoud, montage of inspectie en vraagt je af of je valbeveiliging nodig hebt. De vraag is niet of je valbeveiliging nodig hebt, maar welke valbeveiliging past bij jouw situatie.
In deze blog leggen we duidelijk uit: wanneer valbeveiliging nodig is, wat het verschil is tussen een schuin dak en een plat dak, welke oplossingen in de praktijk het meest worden gebruikt
Zo weet je precies waar je aan toe bent en kom je direct bij de juiste oplossing voor jouw klus.
Wanneer is valbeveiliging op een dak nodig?
Het korte antwoord is simpel. Zodra er valgevaar is, is valbeveiliging nodig.
In de praktijk betekent dit dat je voor bijna elk dak valbeveiliging nodig hebt. Wettelijk gezien is valbeveiliging verplicht vanaf een hoogte van 2,5 meter. Dit geldt voor onderhoud, inspectie én montagewerkzaamheden.
Ook bij kortdurende werkzaamheden geldt deze verplichting. Moet je als monteur “even snel” het dak op om iets te controleren en ben je binnen tien minuten weer beneden, dan ben je alsnog verplicht om valbeveiliging te gebruiken. De wet maakt geen onderscheid tussen korte of lange werkzaamheden.
Twijfel je of dit voor jouw situatie geldt, neem dan gerust contact met ons op.
Het verschil tussen een schuin dak en een plat dak
Hier ontstaan vaak misverstanden. De risico’s en oplossingen voor schuine en platte daken zijn namelijk totaal verschillend.
• Grotere kans op uitglijden
• Snellere en ongecontroleerde val
• Vaak minder vaste bevestigingspunten
Een plat dak
• Valgevaar bij dakranden
• Grotere werkoppervlakken
• Meer mogelijkheden voor collectieve oplossingen
Hieronder leggen we per daktype uit wat dit betekent voor de juiste valbeveiliging.
Valbeveiliging voor een schuin dak
Werken op een schuin dak brengt altijd valgevaar met zich mee. Daarom is valbeveiliging tijdens werkzaamheden op schuine daken verplicht. Dit geldt voor iedereen die werkzaamheden uitvoert op het dak.
De wet hanteert hierbij een duidelijke volgorde.
Eerst wordt gekeken of collectieve bescherming mogelijk is, zoals een steiger of dakrandbeveiliging. Is dit niet haalbaar of niet praktisch, dan ben je verplicht om persoonlijke valbeveiliging te gebruiken. Denk aan een veiligheidsharnas in combinatie met een lijn en een goedgekeurd ankerpunt.
Belangrijk om te weten.
Wie met een harnas werkt, moet hiervoor instructie hebben gehad en er moet altijd een reddingsplan aanwezig zijn voor het geval iemand valt.
Twijfel je of valbeveiliging nodig is op een schuin dak, ga er dan altijd vanuit van wel. Dat voorkomt gevaarlijke situaties, boetes en stilgelegde werkzaamheden.
Bekijk hier ons aanbod voor valbeveiliging op schuine daken: Valbeveiliging set schuin dak.
Valbeveiliging voor een plat dak
Omdat platte daken er vaak veilig uitzien, wordt het valgevaar hier regelmatig onderschat. De wetgeving is hier echter duidelijk over.
Op een plat dak is valbeveiliging verplicht vanaf een valhoogte van 2,5 meter wanneer er geen vaste dakrand of borstwering van minimaal één meter aanwezig is. Daarnaast geldt de verplichting wanneer werkzaamheden worden uitgevoerd binnen vier meter van de dakrand.
Ook andere risico’s spelen een rol. Lichtkoepels, rookluiken en andere openingen vormen een groot valgevaar. Zelfs als je niet direct aan de rand werkt, kan valbeveiliging noodzakelijk zijn.
Praktisch voorbeeld.
Een monteur plaatst zonnepanelen of onderhoudt een installatie op een plat dak zonder hekwerk. In dat geval is valbeveiliging verplicht.
Ook hier geldt dezelfde wettelijke volgorde. Eerst wordt gekeken naar collectieve bescherming, zoals dakrandbeveiliging of een steiger. Is dit niet mogelijk, dan ben je verplicht om persoonlijke valbeveiliging te gebruiken, zoals een harnas met leeflijn of verankeringssysteem. Voor korte klussen wordt geen uitzondering gemaakt.
Bekijk hier ons aanbod voor valbeveiliging op platte daken: Valbeveiliging set plat dak.
Onderdelen die bijna altijd terugkomen bij valbeveiliging op daken
Of je nu werkt op een schuin dak of een plat dak, valbeveiliging bestaat vrijwel altijd uit een vaste combinatie van onderdelen. Het verschil zit meestal niet in of je ze nodig hebt, maar hoe je ze toepast.
Hieronder de belangrijkste onderdelen die in bijna elke dak oplossing terugkomen.
Veiligheidsharnas
Het veiligheidsharnas vormt de basis van persoonlijke valbeveiliging. Het zorgt ervoor dat een eventuele val wordt opgevangen en dat de krachten die daarbij vrijkomen veilig over het lichaam worden verdeeld.
Een harnas werkt nooit op zichzelf. Het is altijd onderdeel van een compleet systeem met lijnen en verankering.
Verankering
Zonder een goed ankerpunt is valbeveiliging onbetrouwbaar. De verankering is het punt waarop alle krachten samenkomen bij een val.
Het type dak, de ondergrond en de werkzaamheden bepalen welk ankerpunt geschikt is. Een verkeerde verankering maakt zelfs het beste harnas onveilig.
Leeflijnen en lijnen
Leeflijnen en verbindingslijnen zorgen ervoor dat je veilig kunt bewegen zonder steeds los en vast te koppelen. Dit is vooral belangrijk bij grotere daken of langdurige werkzaamheden.
Bij platte daken worden leeflijnen vaak vast geïnstalleerd. Bij schuine daken wordt vaker gewerkt met tijdelijke lijnen.
